De snelheidsmeter van Google
Core Web Vitals zijn drie specifieke statistieken die Google gebruikt om de gebruikerservaring van een webpagina te meten. Ze focussen op laadsnelheid, interactiviteit en visuele stabiliteit.
- LCP (Largest Contentful Paint): Hoe lang duurt het voordat het grootste element op het scherm geladen is? (Moet onder 2.5 seconden zijn).
- FID / INP (Interaction to Next Paint): Hoe snel reageert de pagina als je ergens op klikt?
- CLS (Cumulative Layout Shift): Verspringt de pagina nog tijdens het laden? (Denk aan knoppen die ineens verschuiven als je wilt klikken).
Sinds 2024 heeft INP de oude meting FID vervangen. INP kijkt naar alle klikken en tikken tijdens een bezoek, niet alleen naar de eerste.
Wanneer zijn je core web vitals goed?
Google hanteert per meting een grens. LCP is goed bij 2,5 seconden of minder. INP is goed bij 200 milliseconden of minder. CLS is goed bij een score van 0,1 of lager. Die grenzen gelden voor het grootste deel van de bezoeken, apart voor mobiel en desktop.
Zo meet je ze
Je vindt de cijfers van je eigen site in Google Search Console. Daarnaast kun je een losse pagina testen met PageSpeed Insights. Let vooral op de gegevens van echte bezoekers. Een labtest is handig om problemen te vinden, maar zegt minder over hoe je site in het dagelijks gebruik presteert.
Veelvoorkomende verbeteringen
- Maak grote afbeeldingen kleiner en gebruik een modern formaat.
- Geef afbeeldingen en blokken een vaste hoogte, zodat er niets verspringt.
- Laad alleen de scripts die je echt nodig hebt.
- Kies een snelle hosting en gebruik caching.
Core web vitals zijn niet het enige wat telt. Toch maken ze het verschil als twee pagina’s verder even goed zijn. En je bezoekers merken het meteen.
Verder lezen: praktische tips om je site te versnellen en de uitleg op web.dev.

